Vuur en vlam

Ze staarde in het vuur. Of eigenlijk staarde Sabine dwars door het vuur heen. Alsof het vuur haar zicht vrij maakte en ze alles scherper zag. Het was haast mythisch, de symboliek van het reinigende vuur. Terwijl het niets meer was dan een mager brandje van een paar kant en klare blokken van de campingwinkel. Veiligheid voorop, hier in de polder. Lekker kneuterig en ze vond het wel prettig. Comfy. Snoozing. Cocooning to the max. En kneiterskoud.

Ook kon ze zo veilig gluren naar de mensen om haar heen. Schimmen waren het, spoken in het schijnsel van het vuur. Ze zag de gezichten telkens in delen. Weer die symboliek. Ze zag alleen wat die mensen aan haar toonden. Flarden van hun ziel, alleen wat ontsnapte aan de brandende massa. Het waren kleine likjes, alleen wat ze zelf opbouwde uit de vragen die Sabine aan ze stelde. Zij vertelde, de groep luisterde, absorbeerde en boog mee.

Terwijl de haardblokken langzaam slonken, werden haar verhalen persoonlijker. Het leek alsof de cirkel rond het vuur eveneens kromp. Ze keken naar haar, naar het vuur. Alsof ze ergens op wachtten. Sabine had geen idee wat er verder zou gebeuren. Ze was nieuw hier. Een nieuwe stap, alleen gezet op weg naar een nieuw leven en onderweg belandde ze hier in het bos.

Had dat ook ergens anders kunnen zijn? In een kroeg in de stad waar ze woonde, in een andere stad, of zelfs in een ander land? Ze wist het niet en verzonk in de gedachte. Ander land niet, ook niet stad. Wel buiten, in de natuur, wat alles moest anders vanaf nu. Natuurlijk voelde het vreemd. Zij, die altijd thuis was of op haar werk. En wachtte, op hem. Of post, een pakketje. Hij stuurde altijd wel iets. Een koelkastmagneetje, spuuglelijk met de stad waar hij nu weer rondhing. Haar koelkastdeur raakte vol. 

Souvenir Hüttenberg

Verzinnering Souvenir Hüttenberg

Of een schildje voor op een wandelstok. In 2014 inderdaad! Ze hield toch wel van van die nostalgische rommel. Hij dacht aan haar en zij dacht aan vroeger. Hoe ze elkaar vonden en samen waren. Sabine had een goed geheugen wat rijk gevuld was. Daarmee kon ze nieuwe verhalen bedenken. Hüttenberg. Dat klonk Oostenrijks. Tirol. Ze gniffelde. Tirol! 

Het vuur weerkaatste zacht op de dikke laag vernis van het plankje op haar knieën. Vlak voordat ze vertrok kwam de postbode langs en had ze het pakje snel in haar tas gestopt. Kon ook maar van één iemand zijn. Daar ging ze geen tijd meer aan verliezen, was haar voornemen. Toch dacht ze nu weer aan hem, haar eerste vlam. Hij zat dus in Hüttenberg. Op reis. Ja, ze hadden afscheid genomen. Hij in elk geval lichamelijk, zij ook geestelijk. Omdat hij dat niet eens kon. 

Het vuur werd kleiner en ze keek omhoog. Sterren. Ook zo’n mooie symboliek. Vast wel iets moois over te zeggen, maar Sabine deed het alleen om haar tranen tegen te gaan. Ze wilde niet huilen bij deze vreemden. Ze wisten al zoveel over haar leven, meer dan hij. Sabine kende hen alleen aan door de vragen die ze aan haar stelden. Wat maakte het dan dat ze zich daar zo op haar gemak voelde? Het was meer dan het knullige, suffige, burgerlijke. Het was interesse. In elkaar, en voor dit knullige, suffige, burgerlijke.

Ze gooide het plankje in het vuur. De laklaag en de foto gaven mooie gekleurde vlammen. Nog meer symboliek.  Ze had het niet meer nodig. Ze brak met haar oude vlam en was op zoek naar nieuw vuur.

Deze verzonnen herinnering hoort bij de reeks Verzinneringen.

Geef een reactie