Woef.

Een pup! Hier in huis drentelt nu een pluizenbol rond. Hoewel iedereen het heeft over ‘coronapups’, reken ik de onze er niet toe. Wij zijn immers net als iedereen speciaal en niet zoals de massa. Want we wilden al jaren een hond: Niet omdat we nu thuis zitten, niet omdat we willen wandelen, niet omdat het corona is.

Het kwam er gewoon niet eerder van omdat we op kantoor werkten. Dat zou toch zielig zijn? Wilson of Billy moet dan de hele dag alleen thuis zitten terwijl wij bij de koffieautomaat hangen. Zeker om het Beest goed op te voeden vanaf de eerste weken, dat zou gewoon niet te doen zijn.

En toen kwam corona.

Ineens werkten we beiden vanuit huis. En de kinderen zijn ook veel thuis. Nu gaan de scholen wel weer open, maar de uitjes, sport- en muzieklessen gaan niet door. Vakantie is nog maar de vraag, vaccinaties of niet. De ideale tijd dus om een pup op te voeden. We hadden ons ingeschreven voor een wachtlijst, geld gespaard en ineens kwam een belletje: we waren aan de beurt.

Je leest het goed: wachtlijst, geld, belletje. Ik dacht dat je gewoon van een kennis of een boer in de buurt te horen kreeg dat er ergens een nestje was en klaar. Of bij het dierenasiel. Nee, hele wachtlijsten & een leeg asiel. De ene fokker werkt met loting, de ander kijkt naar passende gezinnen. En sparen inderdaad: een goede pup is duur. Omdat ze gewild zijn, maar ook omdat er – bij een goede fokker – ook veel tijd in gaat zitten.

En bij een goede baas ook. Althans, het is eerder dat de pup ons opvoedt. Strak om zeven uur het bed uit, voor de eerste wandeling van de dag. Daarna eten, spelen, van de bank en plant af zien te houden en slapen. En herhalen.

Corona heeft ons leven minder veranderd dan ons nieuwste familielid.

Dit is mijn column voor Wijkblad Prikkel, editie april 2021.

Wat vond je van dit bericht?

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.